Grafieken lezen
Elke grafiek loopt van 3 dagen geleden tot maximaal 15 dagen vooruit. Links van “Nu” staan de metingen en de verwachting van toen, rechts de verwachting. Hier lees je wat elke lijn, band en kleur betekent.
De pluim
Een weerpluim laat zien hoe een verwachting kan uitpakken. Het ECMWF rekent het weer 50 keer door, telkens net iets anders. Waar die uitkomsten dicht bij elkaar liggen, is de verwachting vrij zeker. Waar ze uiteenlopen, waaiert de pluim uit.
De lijn Verwachting is het midden van de 50 uitkomsten, de mediaan: de helft ligt hoger, de helft lager. De oranje lijn Gemeten (KNMI) is wat een weerstation in de buurt echt gemeten heeft.
Onder Weergave kies je hoe de spreiding getoond wordt: als band (“Pluimband”) of als losse lijnen (“50 leden”). Daar kies je ook hoeveel dagen vooruit je ziet.
De banden
De band om de Verwachting laat zien hoe ver de uitkomsten uiteenlopen. Bij 80% kans (p10–p90) valt 80% van de 50 uitkomsten binnen de band: de laagste 10% en de hoogste 10% vallen erbuiten. Bij 50% kans (p25–p75) is dat de middelste helft. Je kiest de band bij “Kansband”, of kiest “Geen” voor alleen de lijn.
Een brede band betekent een onzekere verwachting. De band is wel de spreiding van één model, geen garantie: het werkelijke weer valt er soms buiten.
De ensembleleden
De 50 uitkomsten heten samen het ensemble, elke uitkomst is een lid. Het ECMWF start ze met kleine verschillen, omdat niemand de toestand van de atmosfeer precies kent. Zo zie je welke kanten het weer op kan.
Met “50 leden” bij Weergave zie je elk lid als dunne lijn. Soms splitsen de leden zich in twee groepen, bijvoorbeeld een warme en een koude. Een band verbergt dat, de losse lijnen niet.
Controle
Controle is de gestreepte lijn: de berekening van het ECMWF zonder de kleine verschillen van de leden. Vroeger heette die berekening HRES. Het is één mogelijke uitkomst, geen betere; hij telt niet mee in de Verwachting en de banden.
Je ziet Controle naast de 50 leden. Is het ensemble er even niet, dan toont elke grafiek alleen Controle.
Nu en de start van de run
De gestreepte lijn Nu staat op het moment van de laatste update. Een open pagina haalt ongeveer elke 10 minuten nieuwe gegevens op, en de lijn schuift dan mee.
Een run is één set berekeningen van het ECMWF, Controle en de 50 leden samen, gestart op een vast tijdstip. De gestreepte lijn Start huidige run staat op dat tijdstip. Het ECMWF publiceert een run pas uren later, dus die lijn ligt altijd een stuk vóór Nu. Onder elke grafiek staat welke run je ziet en wanneer hij gepubliceerd is.
Verleden en metingen
Links van Nu staat de oranje lijn Gemeten (KNMI). Het station meet elke 10 minuten. In de meeste grafieken is de lijn licht afgevlakt, en hij breekt waar metingen ontbreken. Beweeg over de grafiek of tik erop, dan zie je de metingen zelf.
Daarnaast staat de verwachting zoals die toen was: voor elk moment de nieuwste run die op dat moment al gestart was. Je ziet die in dezelfde weergave als de rest: met band of met leden en Controle. Zo zie je hoe goed het model het deed. De lichtgele achtergrond markeert het deel dat uit eerdere runs komt, tot Start huidige run.
Temperatuur
De verwachte luchttemperatuur op 2 meter hoogte, in °C, naast de gemeten temperatuur op 1,5 meter. De verwachting geldt voor een rasterpunt en de meting voor een station, dus een klein verschil bij Nu is normaal.
Neerslag
Hoeveel neerslag er valt, in millimeter per uur, gemiddeld over een blok. De verwachting komt in blokken van 3 uur, verder dan 6 dagen na de start van de run in blokken van 6 uur. De meting is gemiddeld over dezelfde blokken van 3 uur. Een korte, harde bui valt daardoor lager uit dan hij op het moment zelf was.
Neerslagsom
Alle neerslag opgeteld, in millimeter, vanaf het begin van de grafiek. Naast de titel staat vanaf welk moment er geteld wordt. De oranje lijn is de gemeten som. De Verwachting telt eerst de eerdere verwachtingen op en loopt vanaf Nu door met de huidige run; de band begint bij Nu.
Wind 10 m
De gemiddelde windsnelheid in km/u. De verwachting geldt voor 10 meter hoogte. Sommige stations meten lager dan 10 meter; ligt de gemeten lijn onder de verwachting, dan komt dat deels door die hoogte. Ook aan de kust kan de verwachting flink afwijken: ligt het rasterpunt boven zee, dan verwacht het model meestal meer wind dan het station op het land meet.
Windstoten
De hardste windstoot binnen een tijdvak, in km/u. In de verwachting is dat tijdvak eerst 1 uur, daarna 3 uur en verder vooruit 6 uur. Beweeg over de grafiek of tik erop, dan zie je welk tijdvak het is. De meting is de hardste stoot per uur. Een langer tijdvak geeft meestal een hogere waarde.
Windrichting
Waar de wind vandaan komt, van N onderaan via O, Z en W terug naar N bovenaan. Draait de wind door het noorden, dan loopt een lijn aan de ene rand de grafiek uit en aan de andere rand weer in. De leden zijn hier stippen. Bij (bijna) windstilte staat er geen gemeten richting.
Luchtdruk
De luchtdruk in hPa, herleid tot zeeniveau, zowel in de verwachting als in de meting. Zo kun je plaatsen op verschillende hoogte vergelijken. Dalende druk hoort vaak bij een naderend lagedrukgebied.
Bewolking
De staven laten per blok zien welk deel van de 50 leden welke bewolking verwacht, in vijf klassen: Onbewolkt, Licht bewolkt, Half bewolkt, Zwaar bewolkt en Geheel bewolkt. Geheel bewolkt staat onderaan, dus hoe bewolkter, hoe hoger dat deel van de staaf. De lijnen Verwachting en Gemeten (KNMI) geven de bedekking van de lucht in procenten. De keuze tussen Pluimband en 50 leden doet hier niets.
CAPE
CAPE is de energie die opstijgende lucht kan krijgen, in J/kg. Hoe hoger, hoe krachtiger buien kunnen worden. Het is een voorwaarde voor onweer, geen garantie: zonder iets dat de lucht omhoog duwt, gebeurt er niets. Deze grafiek heeft geen metingen, dus er is geen oranje lijn.
De verwachting in woorden noemt onweer pas bij minstens 500 J/kg en minstens 30% kans op neerslag.